Eén van de meest gênante momenten van mijn leven overkwam mij in de wachtkamer van mijn praktijk; die bewuste avond liep ik naar de wachtkamer op mijn cliënt op te halen. Daar zaten 2 jonge dames te wachten én ik kon met de beste wil van de wereld niet zeggen of mijn cliënt erbij zat. Behoorlijk in de war en lichtelijk in paniek liep ik vliegensvlug terug naar mijn behandelkamer, voor laten komend alsof ik nog druk bezig was met iets anders. Ik ben in mijn kamer blijven zitten tot ik zeker wist dat mijn collega 1 van de dames opgehaald had en ben toen mijn cliënt gaan ophalen.

En dit was niet de eerste keer dat ik iemand niet herkende.

Lange tijd dacht ik van mezelf dat ik een sociale afwijking heb, dat mensen mij zo weinig interesseren dat ik hen niet eens herken wanneer ik ze ‘buiten hun context’ tegen kom. Ik was slecht in gezichten, maar met mensen werken is mijn werk, mijn vak en mijn passie…

Tot ik heel toevallig in de Libelle een column las en helemaal blij werd van de herkenning! Mijn sociale afwijking heeft een naam “Gezichtsblindheid of Prosopagnosie”, het is een erkende aandoening van de hersenen. 

Gezichtsblindheid is het onvermogen om gezichten te herkennen. Het komt voor in verschillende gradaties, van niet kunnen herkennen van gezichten dus tot het niet herkennen van het verschil tussen gebruiksvoorwerpen en gezichten. Het is een hersenafwijking, die aangeboren of verworven kan zijn.

Maar bovenal is het een sociale afwijking; hoe denk dat het is wanneer je je eigen familieleden niet herken, enkel omdat je ze niet op die plek had verwacht of dat ze nét bij de kapper zijn geweest en dus hun haar anders hebben zitten?

Zelf heb ik me aangeleerd om op uiterlijke kenmerken te letten om zo mensen te herkennen, maar dat werkt ook niet altijd. Zo heb ik een tijdlang vrij frequent fysiotherapie gehad, elke sessie met hem had hij net weer een andere baard als dat ik me herinnerde; dan een volle baard, dan een 3-dagen-niet-geschoren-baard, dan weer een ringbaardje.  Pas jaren later bedacht ik me dat er slechts 2 mannen in de praktijk werkte, de andere was jaren jonger, kleiner en had een andere huidkleur, dát verschil had ik dus niet gezien.

Of wat te denken van het gezin dat ik ging ophalen op Schiphol, ik had een beeld in mijn hoofd van het gezin dat als groepje van 3 op mij stond te wachten. Op het laatste nippertje zag ik dat de man die stond te zwaaien naar mij zwaaide, de andere 2 stonden een stukje verderop.

Ach en zo laveer ik rond in de warboel van gezichten die ik niet herken. Gelukkig ben ik in goed gezelschap; Brad Pitt heeft het ook 🙂

Maar; Ik zie jou anders.

Ja, ik zie jou anders. Wat mijn hersenen via mijn ogen niet zo goed kunnen, kunnen mijn hersenen via mijn handen dan weer wel. niet dat ik bij een aanraking zeg; “hallo Nel, hoe is het met jou?” Zo erg is het niet, maar mijn via mijn handen her-ken ik jouw huid en via jou huid her-ken ik jou. Via mijn handen kijk ik als het ware bij jou naar binnen, zie spanningen, je angst, zie je ontspannen en voel je ontlading.

Dus kom je me tegen en herken ik je niet? Het is geen desinteresse van mij, het is een onvermogen van mijn hersenen. 

 

Ik zie jou anders.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *